recent

De romantiek van de ontmaskerde romantisering

Harde jarennegentigrockmuziek, vooruitstrevende elektrische en eclectische jazz, een avondje Beethoven, een avondje Händel: het was er allemaal en het was allemaal net als thuis. Je zit in een strakke concertzaal van lichte planken en scherpe hoeken die doet denken aan De Doelen of aan de Stopera: fraai maar saai. Of je zit in een smerig hok dat zich in Nederland, goddeloos als ons volk is, rustig een poptempel kan noemen. Of je zit in een ogenschijnlijk oud theater dat is opgebouwd uit die herkenbare, ingesleten bestanddelen bordeauxrood fluweel en gouden paneel, wetende dat het allemaal bij lange na niet zo oud is als het lijkt.

Land van melk en honing en vanaf nu voor mij ook het land van dunne lagen vernis, van een eindelijk, we mogen weer!

Het afgelopen semester studeer ik namelijk via een uitwisselingsprogramma aan de University of Washington te Seattle. Dat is een stad die pas in de jaren 1850 als kleine appendix van een grote houtzagerij ontstaat en die, geholpen door een der laatste grote goudkoortsen, namelijk de Klondike, begin vorige eeuw voorzichtig een beetje op die vandaag de dag meest noordelijke miljoenenstad van de Verenigde Staten begint te lijken – en dit ten slotte niet voordat een grote brand in 1889 eerst nog alles dat hout en oud is verzwelgt.

 

Enfin, je zit of staat in die zalen, je hoort wat, je klapt een beetje (er wordt wonderwel ook in dit land te pas en vooral te onpas staand geöveerd) en dat is dan dat grote, machtige, dikwerf geromantiseerde land, de Verenigde Staten. Land van melk en honing en vanaf nu voor mij ook het land van dunne lagen vernis, van een eindelijk, we mogen weer!, van de Notenkraker als noodgevallenballet en van hoe de verheffingsgedachte de hedendaagse Gutmensch in een hoge, ivoren toren heeft gehesen. Laten we die anekdotes eens uitdiepen en op zoek gaan naar dat fantastische land van mogelijkheden en kansen.

 

I. Vernis

 

Het is natuurlijk een bijzondere ervaring om op een doordeweekse late avond in New York City in de vermaarde, knusse jazzkelder de Village Vanguard het Kurt Rosenwinkel Trio te zien spelen. En toch: wie erin slaagt om de opzettelijk licht aangebrachte laag geromantiseerde opsmuk van de avond af te krabben, ziet plotseling dat hij zich gewoon in een muffe kelder bevindt. In een hoek hangt een knullig bordje van de brandweer: “Maximaal 120 personen toegestaan.” Het exclusieve heinekenbier is duur en verplicht, de cover charge is dat ook en de zaal is halfleeg als de kantine van een bejaardentehuis tijdens het middagdutje. En o, ja, je moet ook nog fooien – hoeveel procent was nu ook alweer de norm? Kan ik nog hoofdrekenen met die koppijnpils op een lege maag? Wat het bijzonder maakt, is het idee en de historische inbedding. Dat wat we op oude jazzfoto’s hebben gezien en waar we ons zoveel bij konden voorstellen. Wat het bijzonder maakt is het er zijn, niet het wat het nu is.

 

Laar, Bert van - KLNK-artikel
Paramount Theatre te Seattle (Foto: Bert van Laar)

II. Eindelijk!

Eenmaal in Seattle zie ik enige weken later Amos Lee. U weet wel, die inmiddels alweer wat in de populariteit weggezakte singer-songwriter met soulambities. Dat klinkt als fantastische muziek voor veertigers en dat blijkt het ook te zijn. Een zanger met soulambities wil nog weleens flirten met de hiphopmuziek en dat maakt dat hij tegen het einde van het optreden vraagt of iedereen even wil gaan staan. Dat de voorstelling in dit statige, zogenaamd oude Paramount Theatre geplaceerd is, kan toch immers niet betekenen dat er niet gedanst mag worden?! Onwennig ontstaat er om mij heen een aantal danshaarden en na het eerste nummer van de uitgebreide toegift is het hek van de dam. In de gangpaden komen jarenlang verstopte en verstofte dansbewegingen los en om nog net niet met Remco Campert te spreken: “Alles zoop en naaide / heel Europa was één groot matras / en de hemel het plafond / van een derderangshotel.”

 

III. Noodgevallenballet

 

Wat het de gestolde muziekpraktijk betreft ga ik met een stel medebuitenlanders naar een zeer koddige Notenkraker bij het Pacific Northwest Ballet. Het balletbezoek wordt georganiseerd door de universitaire club die het ons vreemdelingen hier een beetje naar de zin moet zien te maken. Een van de medebuitenlanders, naast me gezeten, zit tijdens de voorstelling gewoon op zijn mobiele telefoon. Display op standje lekker fel. Even chatten. “Nu bij het ballet. Zin an.”, stel ik me voor bij de onleesbare Aziatische karakters op het scherm. In de pauze spreek ik hem er met een open vraag voorzichtig op aan. Hij blijkt deksels wel door te hebben dat wat hij doet niet door de beugel kan, maar het is een noodgeval, laat hij mij weten. Dit interculturele contact inspireert me. Zelf beleef ik noodgevallen namelijk het liefst niet vanuit een theaterzaal – maar dat ben ik. Zou het niet eigenlijk juist prettiger kunnen zijn? Zou het de kunst beter contextualiseren? Zou het soelaas bieden? Is het participatief en daarmee modern te noemen of juist niet?

(meer…)

Popronde

 Je maakt veel meters en speelt op allerlei verschillende plekken voor allerhande publiek..

In het najaar van 2016 heb ik meegedaan aan Popronde. Popronde is een jaarlijks rondreizend muziekfestival dat ruim 40 Nederlandse steden aandoet en waaraan meer dan 130 acts op aangesloten zijn. Van tevoren is er een uitgebreide selectieprocedure, want er zijn elk jaar 1300 acts die zich aanmelden. In elke stad zijn cafés, bibliotheken, restaurants, poppodia, kerken of musea bij Popronde aangesloten die elk één of meerdere artiesten uitzoeken, vaak in samenspraak met de lokale coördinator. Als een venue een act vraagt, speelt die act in die stad. Ikzelf heb in 21 steden gespeeld en totaal 26 keer opgetreden, waarmee ik nummer elf was van de meest geboekte acts. En ik ben daar, als jong broekie die net om de hoek komt kijken in de Nederlandse popscene, behoorlijk trots op. Ik vond het al wonderlijk dat ik überhaupt werd geselecteerd. Ik stond geprogrammeerd tussen allerlei bandjes die bij DWDD of 3FM hebben gespeeld, en dat overdondert als je gewend bent om voor vier man in de lokale dorpskroeg te spelen waarbij de helft van het publiek uit je ouders bestaat. Popronde maakt je van een amateur tot semi-pro, of van semi-pro een pro. Je maakt veel meters en speelt op allerlei verschillende plekken voor allerhande publiek, je krijgt (lokale) media-aandacht en houdt er met een beetje geluk een platendeal of boeker aan over. Dat laatste is gelukt, met de media-aandacht viel het mee. Een bebaarde, niet bijzonder aantrekkelijke americana-artiest met een hoed is voor bijvoorbeeld VPRO’s 3voor12 dikwijls minder interessant dan wéér zo’n “vernieuwend” gitaarbandje. Dezelfde kritiek geldt voor De Wereld Draait Door. Overigens is spelen bij DWDD niet per se een voordeel: het kan jou in een minuutje als jonge act net zo goed maken als breken, met hun abominabele geluid. DWDD zou zelfs Prince nog als een schoolbandje hebben kunnen laten klinken.

(meer…)

Masterkeuze: Heleens ‘fijne oma-adviezen’

Hoe ziet mijn leven er volgend jaar uit? Dat was de allesoverheersende vraag vorig jaar. Een vraag die in de herfst regelmatig begon op te komen, en vanaf het voorjaar mijn hoofd bijna niet meer uitkwam. Ik studeerde het afgelopen jaar af bij muziekwetenschap en na vier leuke bachelor-jaren was ik heel erg toe aan een master. Maar welke? En waarom? Moet ik niet eerst een tussenjaar nemen? En wat nou als ik de verkeerde keuze maak? Ik werd steeds onzekerder en zat steeds minder goed in mijn vel naarmate het langer duurde voordat ik een beslissing had gemaakt. Door middel van dit stukje voor de KLNK hoop ik je een hart onder de riem te steken en enkele fijne oma-adviezen mee te geven, zodat je eigen masterkeuze je hopelijk minder zwaar valt.

 

Goedbeschouwd was de keuzemogelijkheid helemaal niet zo groot (al voelde dat wel zo): ik kon ervoor kiezen om een master te doen aan de UvA, of een master aan de Universiteit van Utrecht (UU). Ik wist namelijk vrij zeker dat ik geen masterprogramma in het buitenland wilde volgen, omdat ik veel te blij was met mijn Amsterdamse leventje. Ik wist ook zeker dat ik een master wilde doen aan een universiteit waar ook (historisch) musicologen werken, dus andere Nederlandse universiteiten waren geen optie. Aan de UvA waren er drie opties: de researchmaster Cultural Analysis, die afviel omdat ik een master zocht waarin ik mijn historische ei kwijt kon, de master Musicology en de researchmaster Art Studies. In Utrecht kon ik kiezen tussen een master Applied Musicology, die afviel vanwege de praktische inslag (ik ben meer een denker en onderzoeker), of een researchmaster Musicology. Als je hebt meegeteld waren er dus maar drie mogelijke masters voor mij in Nederland: de MA Musicology (UvA), ReMA Art Studies (UvA) en ReMA Musicology (UU). Een extra optie was om geen master te gaan doen, maar eerst een jaar iets anders.

(meer…)

OPEN PODIUM! En nog veel meer. Nieuwsbrief november 2016

Weergaveproblemen? Bekijk deze nieuwsbrief in de browser.

---

NIEUWSBRIEF NOVEMBER 2016

Lieve Ragtimers,

De kou heeft nu echt haar intrede gedaan. Winterjassen, handschoenen, mutsen, en natuurlijk wollen sokken en warme dekentjes worden weer tevoorschijn gehaald. Knus bij het haardvuur zitten, met een kopje thee, of gewoon er echt voor gaan en warme chocolademelk met slagroom nemen, want daar is het weer tijd voor. Daarnaast is het tijd voor een nieuwe nieuwsbrief vol vreugde en warmte, om jullie door deze koude dagen te helpen. Hou je vast, we waaien er zo doorheen.

---

Halloweenfeest 2016

Donderdag 3 november vond het enige echte Ragtime Halloweenfeest plaats! Ons eigen Atrium café was helemaal versierd met spinnenwebben en pompoenen, en onze Marina heeft haar echte hekskwaliteiten laten zien. We hebben op deuntjes van Thriller en This is Halloween gedanst, en daarna ook gewoon heel hard Take on me van A-Ha meegezongen. Omdat het kan. De kostuumprijs is gegaan naar Lars Mangel, die het voor elkaar kreeg om biertjes te drinken in zijn mummie-outfit. Het was een groot succes, dank aan iedereen die er was en die heeft meegeholpen!

---

Pubquiz 2016

Ragtime heeft ook dit jaar weer een pubquiz in elkaar gezet, die zowel willekeurige vragen als “waarom is tomaat een fruitsoort” als keiharde muziekvragen met bladmuziek en geluidsfragmenten bevatte. Velen kwamen voor de antwoorden op deze vragen bijeen in het Atrium, waar Marina achter de bar stond, die ook hier en daar een antwoord schreeuwde. Eerstejaars en masterstudenten vochten zij aan zij voor de grote pubquizprijs: de pitcher bier. Deze is uiteindelijk gewonnen door het viertal dat zich “De Gediplomeerden” noemde, bestaande uit Anke Bosma, Jason Hillebrand, Tyche Ankersmit en Niek de Brabander. Gefeliciteerd! Uiteraard werd er daarna even gedanst. Iedereen bedankt voor jullie leuke inzet en tot de volgende!

---

6 december: Open Podium

Het is weer zover: Ragtime organiseert het eerste open podium van dit collegejaar! Dat betekent dat je je weer kunt opgeven om jouw talent te laten zien. Dus: kun jij onwijs goed mondharpen of neusfluiten? Speel je didgeridoo, saxofoon of violofoon (ja dit is een ding, google het maar), en wil je dit met ons delen? Geef je dan op via svragtime@gmail.com. Vermeld hierbij wat je gaat doen en wat je hiervoor nodig hebt (bijvoorbeeld microfoon, versterker, moed).

Het zal weer plaatsvinden in het CC Muziekcafé aan de Rustenburgerstraat 384 en het begint om 20.30. Uiteraard is alle publiek welkom.

Hoe meer zielen, hoe meer muziek! En vreugd. Dus geef je op!

---

11 december: Podium Witteman

We zijn uitgenodigd om een uitzending van Podium Witteman bij te wonen! Gratisj! Tijdens de opname van 11 december mogen wij in het publiek zitten en lekker genieten van al het moois dat langskomt. Wil je hierbij zijn? Stuur even een mailtje naar svragtime@gmail.com en vermeld hierin dat je meewilt en wat je nu eigenlijk kunt met muziekwetenschap enzo.

---

Onze studieadviseur Marije Zeeman

Onze steun en toeverlaat voor al onze vragen: de studieadviseur. Toch weet niet iedereen wat Marije Zeeman precies doet en waarvoor je bij haar terecht kunt. Daarom heeft zij een stukje geschreven voor deze nieuwsbrief om te vertellen wat haar functie nu eigenlijk inhoudt.

“De eerste tentamenperiode is voorbij. Ik hoop dat jullie positieve resultaten hebben behaald!

Als studieadviseur begeleid ik studenten die vanwege allerhande oorzaken blokkades ervaren bij het studeren. Dat kunnen bijvoorbeeld motivatie- en concentratieproblemen of ziekte zijn. Maar denk ook aan dyslexie, een functiebeperking of familieomstandigheden. Ook help ik studenten die een bijzondere invulling aan hun studieprogramma willen geven. Dat kan zijn: het volgen van vakken aan een andere universiteit, een uitwisseling naar het buitenland of het volgen van een stage. Heb je het idee dat het heel goed gaat binnen je studie en je meer uitdaging nodig hebt? Ook dat is bespreekbaar!

Met je tutor bespreek je vooral opleidingsspecifieke zaken, je studievoortgang en de invulling van je keuzeruimte. Met opleiding overstijgende vragen ben je bij mij van harte welkom.

Inloopspreekuur (voor korte vragen): maandag 13-14u

Afspraak: online inplannen via www.student.uva.nl  > [opleiding] > Contact > Studieadviseur(s)

Locatie: BG2, Turfdraagtserpad 15-17, kamer 0.36

 

Hartelijke groeten,

Marije Zeeman

Studieadviseur Muziekwetenschap”

---

Het ASPK: Sophie vertelt

Het Amsterdams Studentenprojectkoor is een studentenkoor dat per seizoen een nieuw stuk repeteert en uitvoert, zoals een operette van Gilbert & Sullivan. Het is opgericht door, onder andere, onze eigen muziekwetenschapper Sophie van Weeren. Daarnaast zijn veel muziekwetenschappers lid van dit projectkoor. Sophie schrijft deze maand in de KLNK over het ASPK, waarin ze vertelt over hoe het is om onderdeel te zijn van dit koor en hoe het voelt om zo’n succesvolle operette uit te voeren. Het stuk staat inmiddels op de site, dus lezen maar! www.klnkmagazine.com

---

Activiteitenagenda

Wat gaan we allemaal doen komende weken? Nou, dit!

– 24 november: borrel

– 6 december: open podium

– 11 december: Podium Witteman

– 15 december: borrel

---

Dat was het weer voor deze maand.

Nu maar knus naar jullie warme nestjes. En denk erom: oogjes dicht en snaveltjes toe. Slaap lekker.

Opzeggen – Je abonnement bewerken

Studievereniging Ragtime – Muziekwetenschap UvA
Nieuwe Doelenstraat 16-18 (Kamer 307)
1012 CP Amsterdam

@: svragtime@gmail.com
http://klnkmagazine.com

Snelkookoperette in Amsterdam

In 2012 zong ik als zangeres mee in een operette in een studentenprojectkoor in Nijmegen, een project dat me altijd bij is gebleven als een geweldige ervaring. Ik heb zelf jarenlang op behoorlijk niveau klassieke muziek gezongen in diverse koren en daar ontzettend gave ervaringen opgedaan, maar het enthousiasme van die groep studenten met wie ik in 2012 samen op het podium stond zal ik nooit vergeten. Ik ervoer daar dat motivatie en plezier soms meer waard zijn dan een hoog prestatieniveau. Voor de professionele musicus wordt muziek maken toch soms ‘just another day at the office’ en kan het plezier van het muziek maken op de achtergrond geraken. Toen ik in Amsterdam ging wonen en studeren, bleef het concept van een soortgelijk projectkoor dan ook altijd in mijn achterhoofd hangen. Vorig jaar, in de zomer van 2015, resulteerde dat idee in de oprichting van het Amsterdams Studentenprojectkoor (ASPK) dat in februari van start zou gaan met het repeteren voor het eerste project.

 Van de eenentwintig zangers hadden er maar een paar zangervaring.

Waarom dit genre? Operette roept bij de gemiddelde bachelorstudent Muziekwetenschap waarschijnlijk geen herinneringen op, behalve dan misschien die korte referentie van Rutger Helmers naar Offenbachs ‘Orphée aux Enfers’ en de welbekende Can Can. In Engeland is en was het genre behoorlijk populair, maar in Nederland is het nooit echt aangeslagen. Op dit moment bestaan er hier dan ook nauwelijks (professionele) operettegezelschappen. Dat is jammer, want het genre is juist heel erg toegankelijk voor de onervaren zanger en spreekt daarnaast een breed publiek aan. Het is wellicht muzikaal een beetje voorspelbaar (V-I in je oor, zoals Vincent zou zeggen), maar de verhalen hebben wel altijd humor en een maatschappijkritische ondertoon. De toevoeging van een regie kan pittig zijn voor een toch al onervaren zanger, maar kan ook steun bieden. Bovendien proberen we met de regie een unieke interpretatie aan het stuk te geven wat het voor het publiek leuker maakt om naar te kijken. (meer…)

Rutger zoals je hem nog niet kende

Rutger Helmers staat bij de meeste studenten bekend als de docent die je in het eerste jaar de muziekgeschiedenis van de 19e eeuw bijbrengt, en in het vervolg van je studie je partituuranalyse en Historische Musicologie (1800-1900) als vakken onderwijst. Maar wat zijn eigenlijk Rutgers favoriete stukken? En wat zijn Rutgers “Guilty Pleasures”?

Vanaf het moment dat we binnen kwamen, was er een ontspannen sfeer. Aan Rutgers gezicht was af te lezen dat hij er zin in had. Het leek er op dat hij benieuwd was naar onze vragen. De antwoorden vind je in dit openhartige interview!

Met dat stuk is iets eigenaardigs aan de hand, waarvan ik denk: dat wil ik niet spelen.

Wat is je favoriete klassieke stuk?
“Ik ben hopeloos in favorieten. Ik heb binnen een half uur een andere favoriet. Maar vanuit mijn onderzoek en onderwijs ben ik verknocht geraakt aan de 19e eeuw, dat is wel duidelijk [zucht diep]. Als ik dan een stuk zou moeten noemen, dan de Pianosonate in Bes van Schubert (https://www.youtube.com/watch?v=DCu4IPqQ2dU), een van zijn laatste sonates. Ik speel zelf piano, maar met dat stuk is iets eigenaardigs aan de hand, waarvan ik denk: dat wil ik niet spelen, dat wil ik niet verpesten. Dat heeft me bij andere stukken nooit weerhouden, maar van deze sonate blijf ik liever af. Het is soms moeilijk te verklaren, maar bepaalde muziek van Schubert, zoals bijvoorbeeld het langzame deel van deze sonate, heeft echt iets magisch dat moeilijk te overtreffen is.”

Wat is je favoriete stuk uit de lichte muziek?

“Dat is nog veel meer versplinterd dan klassieke muziek. Ik ben nooit zo’n fan geweest van één genre. Op school ben ik nooit met één band of één ding bezig geweest, eigenlijk altijd met meerdere dingen tegelijk. Dat maakt het ook lastig. Van oude hitjes tot singer-songwriter dingen vind ik leuk. Sommige muziek, bijvoorbeeld gabber, zal ik thuis nooit op zetten, maar ook daar kan ik de lol van inzien. Het is vaak een kwestie van de juiste knop omzetten en in de juiste stemming zijn. Als ik dingen echt niet uit kan staan, dan is het meestal te sentimenteel en te klef. Ik denk dat daar eerder m’n alarmbellen van af gaan.”
Wat is het mooiste concert waar je ooit naartoe bent geweest?

“Er zijn er een heleboel die ik zou kunnen opnoemen, maar een dat in m’n hoofd opkomt, is een concert van Maurizio Pollini in de serie Meesterpianisten. Ik was toen nog vrij jong, maar ik stond werkelijk te stuiteren aan het einde van het concert. Daarnaast ben ik een operafanaat, dus ik kan erg genieten bij de Nationale Opera. Ook in het buitenland zijn geweldige concerten te vinden. In Sint-Petersburg ben ik regelmatig in het Mariinski-Theater geweest. Ze spelen er naast de bekende opera’s van bijvoorbeeld Wagner en Mozart veel stukken die in het westen maar zelden te horen zijn: ze zijn gespecialiseerd in Russische opera en de helft van het jaar is geprogrammeerd met Russische stukken. En komend jaar komt Prins Igor in Amsterdam, daar kan ik echt naar uitkijken.”

(meer…)