The Sydney that never sleeps

Ergens halverwege november ontving ik een Facebooknotificatie dat Daan Holthuis (oud-student muziekwetenschap) een link had gedeeld op de Ragtimepagina op Facebook. Het betrof een vacature op het Nederlandse consulaat-generaal in New York. Omdat het wel weer eens tijd werd om mijn sollicitatieskills te testen en mijn CV te updaten, besloot ik om er op in te gaan. Vijf maanden later woon en werk ik in Manhattan.

 

Het is goed vertoeven in de Upper West Side

 

 

 

 

 

In februari ben ik naar de Big Apple verhuisd, twee dagen voor mijn stage begon. Omdat het thuis nog carnaval was, trapte ik mijn tijd hier af met mijn eerste (en tevens laatste) Big Mac ooit, om meteen die echte neppe Amerikaanse sfeer te proeven. De welbekende ‘supersize’ gaat hier op voor eten, architectuur, koffie, onderbroeken, mensen, ratten, enzovoorts. Ik zal er waarschijnlijk nooit aan wennen.

Hier wonen is als één constante adrenaline rush; tijd gaat anderhalf keer zo snel en het concept verveling is de stad uit verdreven. Dit geldt ook voor de New Yorkse werkethiek: hoe hard je ook werkt, er is altijd iemand die het beter aan het doen is. Voor een newbie op de werkvloer zoals ik is dat dus wel even wennen. Ik heb mijn studentenpakket (met festieve mindset, hoge biertolerantie en bijbehorend slaapritme) ingeruild voor een nine to five office job waarin ik er ‘business casual’ bij loop. Dat deze job toevallig in Midtown Manhattan is, maakt het natuurlijk allemaal wat draagbaarder. Mijn uitzicht op de Empire State Building ook.

Weinig te klagen op kantoor

 

Qua functie op het consulaat zit ik wel goed, aangezien ik hier op de culturele afdeling als ‘Junior Cultural Officer’ alle Nederlandse artiesten/muzikanten/bands/DJs die de VS aandoen bijhoud. Daarnaast houden we de Nederlandse kunst en cultuur in de Amerikaanse pers bij. Deze functie heeft ook vele perks. Zo mag ik zo’n twee keer per week op uitnodiging een cultureel evenement bijwonen, van kleinschalige filmfestivals tot het ontmoeten van ‘onze’ Janine Jansen in Carnegie Hall.

Buiten het werk om doe ik ongeveer wat ik in Amsterdam doe: thuis gezelligheid bewerkstelligen en in het weekend naar de club. Waar mijn woning in Hell’s Kitchen – op twee blokken van Times Square – doordeweeks fijn is omdat ik naar werk kan lopen, kun je me in het weekend doorgaans in Brooklyn vinden. Clubs als de Good Room, Elsewhere, en House of Yes zijn aardige substituten voor de Melkweg, Shelter, en Club Mick. En op zondag natuurlijk bottomless brunch: onbeperkt mimosa’s drinken totdat je beseft dat de maandag alweer aanstaande is.

 

PIZZA = LIFE

 

Aangezien de weken al als duiven voorbij vliegen, weet ik dat het zo ook allemaal weer voorbij is. Eind augustus zal ik Nieuw- weer voor ‘oud’ Amsterdam verruilen, wanneer ik met mijn veel te hippe kapsel het vliegtuig in stap. Waar ik het van te voren niet had verwacht, weet ik nu al dat ik de gekte van deze stad ga missen. Maar tot die tijd houd ik me wel lekker bezig.

 

Sydney Schelvis